Meestal zijn klachten aan het bewegingsstelsel niet op zichzelf staand en komen meerdere klachten tegelijkertijd voor. Dit ontstaat vaak volgens een patroon, een compensatie patroon. Hierdoor kan een probleem in bijvoorbeeld de onderrug op den duur tot klachten in bovenrug of schouders leiden.

De oorzaak is vaak terug te voeren naar het niet (niet naar behoren) goed functioneren van de bekkengordel. De bekkengordel is het fundament van de gehele wervelkolom. Bij een disfunctie van de bekkengordel treedt er compensatie op, zowel naar boven als naar beneden. Het klachten patroon dat hieruit volgt is afhankelijk van hoe de bekkengordel functioneert. Hierbij kan onderscheid gemaakt worden in een symmetrisch en asymmetrisch klachten patroon. Waarbij een asymmetrisch klachten patroon aan één zijde tot klachten leidt (vaak rechts) en symmetrisch beiderzijds.

De mate waarin klachten in het compensatie (klachtenpatroon) ontstaat is afhankelijk van meerdere factoren zoals de mate waarin de bekkengordel functioneert, belasting van het geheel, en de mate waarin de rest van het lichaam kan compenseren voor de disfunctie. Disfunctie van de bekkengordel hoeft daarom ook niet per se gelijk tot klachten te leiden. Een goed voorbeeld hiervan is dat sommige vrouwen na een bevalling nog een gevoelige onderrug houden (bekken disfunctie) en vervolgens een aantal jaren daarna geleidelijk nek en hoofdpijn klachten ontwikkelen (klachten patroon).

Hoe ontstaat een disfunctie van de bekkengordel?

Disfunctie ontstaat vaak door kleine ongelukjes (micro trauma). Voorbeelden hiervan zijn verstappen, vertillen, vallen, uitglijden maar ook overbelasten, lang zitten of slechte houding. Het is niet ongewoon om tijdens of na een zwangerschap bekkengordel problemen te ontwikkelen (zie bekken klachten na zwangerschap).

Asymmetrisch patroon

De bekkengordel bestaat uit meerdere botdelen die in een ringstructuur zitten. Het bestaat uit twee darm beenderen (iluems) met het heilig been (sacrum) er tussen. De verbindingsgewrichten tussen het heilig been en de darmbeenderen wordt SI (sacro-iliac) gewricht genoemd. Bovenop het heilig been staat de wervelkolom. De bekkengordel kun je beschouwen als het fundament van de wervelkolom. Als één kant van het bekken blokkeert kan er torsie (verwringing) in het bekken ontstaan. Het gevolg hiervan is dat andere gedeelten van het bekken hiervoor moeten compenseren. Niet ongebruikelijk is dat bij dit patroon functionele beenlengte verschil ontstaat en dat het bekken als het ware scheef komt te staan. Omdat de bekkengordel als fundament voor de wervelkolom dient leidt dit tot problemen hoger op. Typische klachten die bij dit asymmetrisch patroon horen zijn: pijn aan één kant van het lichaam (vaak rechts). Voorbeelden hiervan zijn: lage rug klachten, bil pijn, uitstraling naar het been, hielspoor, Achilles pees klachten, pijn tussen de schouderbladen, schouder klachten (inc slijmbeurs ontsteking), hoofdpijn, nek pijn en tennisarm. Dit allemaal aan één kant, indien er een hernia ontstaat, is dit meestal aan de andere kant.

Symmetrisch patroon

In tegenstelling tot het asymmetrisch patroon (één kant geblokkeerd) zijn bij een symmetrisch patroon beide kanten van het bekken geblokkeerd. Hierdoor ontstaat een hollere onderrug en bollere bovenrug. Kenmerkend bij dit patroon is dat vele spieren onder spanning komen te staan waardoor fibromyalgie achtige klachten ontstaan. Klachten die hierbij horen zijn vaak pijn of stijfheid en komen vaak aan beide kanten voor. Voorbeelden hiervan zijn: lage rug klachten, bil pijn, uitstraling naar beide benen, hielspoor, Achilles pees klachten, pijn tussen de schouderbladen, schouder klachten (inc slijmbeurs ontsteking), pijn in de overgang van de bovenrug en nek, hoofdpijn, nek pijn en tennisarm en dove handen. Dit alles aan beide kanten.

Aanpak/ Behandeling

Als deze klachten individueel worden behandeld is de kans groot dat ze snel weer terugkeren. Om resultaat te boeken zal het patroon herkend en behandeld moeten worden.

De behandeling is gericht op het opheffen van gewrichtsblokkades en het herstel van de bewegingsfunctie. Zodra de rug weer beter gaat functioneren, worden de krachten beter verdeeld over de verschillende spieren, banden en botstructuren. Hierdoor kan het systeem herstellen en gaat de belastbaarheid omhoog. Om dit te bereiken gebruiken wij een breed scala aan verschillende technieken in onze praktijk. Wij hebben een voorkeur voor “zachte technieken”, indien nodig gebruiken we manipulatie (korte snelle druktechnieken) (lees meer over behandeling).